Dag 5: vertrek naar Cornwall en helse rit door Dartmoor
17 juli 2024 - Bodmin Moor, Verenigd Koninkrijk
We zijn allemaal vroeg wakker en gaan al vroeg op pad. We gaan naar de volgende bestemming. De "hut" was leuk, maar we zijn ook blij dat we weer door mogen. Prima voor twee nachtjes, maar iets te primitief voor ons. Vannacht moest Mark nog naar de WC. Het was helder en het was een prachtige sterrenhemel, heel weinig lichtvervuiling hier. En geluid van uilen.
Onderweg zoeken we een plekje voor een ontbijtje. We komen uit bij "Brookside restaurant" in het plaatsje Bovey Tracey. Precies als we aankomen, gaat het restaurant open. We zitten er alleen, maar na ongeveer een half uurtje loopt (of strompelt) het vol met pensionado's, het lijkt wel een bejaardentehuis, wat een herrie maken ze (waarschijnlijk geen gehoorapparaat in). Roos doet nog een dame na, maar iets te hard, dus dat moeten we even uitleggen dat ze dat beter niet kan doen haha.
Na het ontbijt gaan we door naar Dartmoor National Park. In dit gebied is ook “Kamp van Koningsbrugge” opgenomen afgelopen seizoen, omdat een deel ook militair oefenterrein is. Als we bij een visitor center zijn, vragen we waar de Dartmoor pony’s zijn. De dame zegt “niemand weet het, want ze zijn wild”. Maar een klein stukje verder zien we heel veel "wilde" Dartmoor pony’s als we met een beklimming bezig zijn naar een rots. Tess en Roos besluiten om de beklimming af te breken en naar de pony's te gaan kijken, Mark gaat in z'n eentje verder.
Roos is helemaal in haar nopjes. We maken een paar foto’s, er zijn ook veulentjes bij, zo schattig. Helemaal wild zijn ze niet, want ze staan niet voor niks rond een parkeerterreintje en eentje snuffelt in een openstaande kofferbak op zoek naar wat lekkers. Helaas zijn er ook mensen bij die de verleiding niet kunnen weerstaan om ze te aaien.
Als we verder rijden, zien we er nog veel meer. Weer stoppen we even. We gaan even zitten. Een van de pony’s duwt Roos haar been opzij, want zij wil daar grazen.
We gaan weer verder en zien langs de weg nog veel meer pony’s. Ook Shetlanders. Maar ook heel veel schapen en koeien, die ook zomaar midden op de weg kunnen staan. Door het geslinger en gehobbel zijn Tess en Roos heel misselijk geworden. Onderweg stoppen we af en toe om de benen te strekken en te genieten van de vergezichten en om een beetje bij te komen van het gehobbel en geslinger. Soms lijkt het wel een achtbaan, dat gevoel dat je naar boven getrokken wordt en dan over het hoogste punt gaat en dan stijl naar beneden! Het gehobbel is zelfs zo erg, dat de ANWB belt, omdat de sensor een aanrijding heeft geconstateerd! Gelukkig niks aan de hand. Daarnaast zijn de wegen ook zo smal dat je hier geen tegenliggers moet tegenkomen, maar die komen we helaas wel tegen, waaronder een grote trekker. Het past maar net. Soms moet iemand ook een heel stuk achteruit om de ander langs te laten. Gelukkig is het niet heel druk.
Onderweg drinken we nog wat in Princetown.
Mark heeft een aantal plekjes gevonden waar hij wil kijken, onder andere een paar plekken die bekend zijn van de serie Poldark. Tess en Roos zijn nog steeds misselijk en het is inmiddels tijd dat we kunnen inchecken. Dus rijden we door naar onze volgende locatie: de Jamaica Inn.
Dit moet een smokkelaarsparadijs voorstellen en dat lijkt ook echt zo, het is een doolhof, gebouwd als een 17e -eeuws Engels gouverneursgebouw. Van diverse kanten kan je het gebouw in en overal heb je kleine deuren die toegang geven tot sluiproutes naar de bar, receptie of restaurant.
Nadat we ingecheckt zijn, komen we even bij op de kamer van de rit. Tess en Roos van hun misselijkheid en Mark van de inspanning. We blijven vanavond maar lekker eten hier in het hotel van Jamaica Inn.






















Snap de misselijkheid, heel vervelend.